De schijn van fatsoen

Haast niemand is meer zichzelf in de nieuwe voorstelling van tg STAN uit België. Een verliefd stel houdt grote geheimen voor elkaar verborgen, en een huwelijk valt ten prooi aan ontrouw. Dit levert een reeks hilarische misverstanden op, maar tragisch is het wel. Beleefde manieren zijn slechts een laagje vernis voor de verrotting die eronder ligt. Tegelijkertijd proberen leden van een exclusieve club angstvallig alles zo netjes en ordentelijk mogelijk te houden. "En als er toch iemand onfatsoenlijk is, trappen we die zo hard als we kunnen de deur uit."

De vier acteurs van tg STAN hebben twee theaterteksten tot één geheel omgetoverd, respectievelijk Party Time van Harold Pinter en Relatively Speaking van Alan Ayckbourn. Die laatste is een klassieke klucht vol misverstanden over ontrouw en vreemdgaan. Ginny en Greg zijn al een tijd een stelletje, maar Greg vermoedt dat Ginny hem niet de hele waarheid vertelt. Ze krijgt vreemde telefoontjes en pakketjes chocola opgestuurd. Philip is getrouwd met Sheila en verdenkt zijn vrouw van ontrouw. Philip is Ginny’s baas en was een tijdlang haar minnaar. Vanaf het moment dat de stellen bij elkaar zijn, stapelen de misverstanden zich op. De spelers laten zich uiteindelijk helemaal gaan in hun komische spel, maar zonder daarbij het gevoel voor de onderliggende tragiek te verliezen. Je lacht erom, maar ondertussen denk je: au..

Exclusieve club
De verwikkelingen in de klucht, die tot het eind toe voor verrassingen blijven zorgen, worden geflankeerd door scènes, uit het stuk van Pinter, op een jetset feest. Iedereen - behalve de acteur die Greg speelt - is lid van een exclusieve club, met perfecte service, heerlijk eten en massages. Het continu onderstrepen van de elegantie van de clubleden, geprezen als een bijna verloren waarde, staat echter in schril contrast met botte en gemene opmerkingen. Een vrouw vraagt wat er met haar broer is gebeurd, maar een man kapt haar af met: "Dat is geen onderwerp van gesprek." Hoe beschaafd en geweldig die mysterieuze club ook lijkt te zijn, er is tegelijkertijd iets totaal niet in de haak. Overigens is het geen toeval dat dezelfde acteur die Greg in de klucht speelt, tevens de gast speelt die als enige nog geen lid is van de club: beiden zijn als enigen nog wél zichzelf, en niet gecorrumpeerd door valse bedoelingen.

Puurheid
Rode draad in beide verhaallijnen is het contrast tussen verval enerzijds en het vastklampen aan verzorgdheid en fatsoen anderzijds. Waar in de klucht van Ayckbourn het verlies van huwelijkse trouw wordt verbeeld, staat in de teksten van Pinter maatschappelijke teloorgang centraal. Overigens is het de vraag of de klucht wel een klucht is: de confrontatie met de waarheid komt tegen het eind steeds dichterbij, en de aanvankelijke luchtige, komische toon wordt uiteindelijk steeds beklemmender. De duistere sfeer op het jetset feest daarentegen krijgt op het eind een wrang humoristisch tintje. De acteurs richten zich in een geruststellende toespraak tot het publiek, dat zij en al hun ambtenaren ervoor zullen zorgen dat de normale gang van zaken wordt gegarandeerd. Niets is minder waar, natuurlijk.

Zo speelt STAN continu een spel met de waarheid. Dat gebeurt met minimale middelen: zonder decor, met spaarzaam gebruik van licht, bijvoorbeeld om een speelvlak te accentueren, en sobere jazzmuziek. Alle rekwisieten worden tevoorschijn getoverd uit een plastic tas, en na gebruik weer netjes opgeruimd. Er is zelfs geen backstageruimte: spelers die niet aan een scène deelnemen, wachten gewoon in een hoek tot ze weer aan de beurt zijn.

Een spel met de waarheid, met als enige instrument het lichaam van de acteur en zijn tasje vol rekwisieten. Theater tot zijn pure essentie teruggebracht. Dat is dan tot slot wel een geruststelling: met zoveel getoond verval van instituten en zekerheden, biedt juist de illusie van het toneel nog enige puurheid.

8 Weekly websitemagazine, Maarten Das, 8 mei 2006

Nederlands